San Remo, filmticket
|
“Lord of the rings: the fellowship of the ring” moet een coole prent zijn. Het ticket hebben we al op zak, kwestie van straks niet te lang aan te moeten schuiven aan de kassa van de kleine zaal waar we gaan kijken. Ondertussen hebben we nog de tijd om rustig door de stad te kuieren. Jan, mijn vriend en gastheer, besluit me rond te leiden in delen van de oude stad die ik nog niet ken. In een rustige en ouderwetse buurt spelen enkele jongens op straat. Jongens! Onze gemeenschappelijke interesse. Tenminste, één ervan, kwestie van mezelf niet af te schilderen als een gore ouwe zak die enkel naar kontjes kijkt (oeps, te laat…). Jongens dus: we zien hen al van ver. Eén van hen blijkt een niet onknappe, blonde knul van een jaar of tien. Hij sjeest in een gocart door de autovrije straat en mikt af en toe op de benen van zijn vriendjes, die totnogtoe steeds behendig opzij hebben weten te springen. Hoe lang nog? We passeren het groepje door op de stoep te gaan lopen. De gocartrijder heeft echter besloten onze aandacht op te eisen. Berekend traag hoor ik hoe hij achter ons de stoep oprijdt en ons volgt. We kijken om en zijn ogen vragen om een reactie. Op zijn gocart heeft hij een houten, zilver geschilderd zwaard liggen. Even lijkt hij zich af te vragen of hij hiermee zal zwaaien, dan zet hij alle schroom opzij –het gaat hem makkelijk af- en daagt ons uit. Ik draai me om, neem mijn denkbeeldige stengun in de handen en plaats een paar welgemikte schoten tussen zijn mooie ogen. De knul is verrukt om zoveel reactie. Hij had vast niet verwacht dat er volwassenen waren die het leuk vinden mee te gaan in zijn fantasie. Hij blijft ons dus even achtervolgen om tenslotte terug te keren naar zijn vriendjes. Eén van hen loopt rond met het bij het zwaard passende, zelfgemaakte schild. Zijn terugkeer blijkt slechts een afleidingsmanoeuvre te zijn. Van op een veilige afstand berekent hij zijn kans om een tweede portie aandacht te krijgen. Ik bereken míjn kans om hem opnieuw te betrekken in een spelletje straatcriminaliteit ;-) De jongen
komt naast ons rijden. We praten wat over de straat en de buurt en ik
laat mijn fantasie de vrije loop. Ik geniet ervan hem af en toe op het
verkeerde been te zetten. Hij ook. De jongen denkt na, kijkt om zich heen en plots branden de pretlichtjes in zijn ogen: “Ginder, aan het einde van de straat,” hij wijst een heel eind terug waar we vandaan komen. “daar vind je een ticketautomaat. Misschien lukt het daar.” Ik kijk de verte die hij aanwijst in en zie een verdeelautomaat voor parkeertickets. Dit is de voorzet die ik nodig heb. Ik draai me om, laat Jan hoofdschuddend ter plaatse en krijg de verbijsterde jongen in mijn spoor. Je ziet hem zo denken ‘Gelooft die eikel nu echt wat ik zeg?’ Ondertussen blijf ik wat met hem praten om zijn aandacht af te leiden. Zo ongemerkt mogelijk tover ik mijn ticket, dat gelukkig niet die grote afmetingen heeft die de bioscoop in mijn hometown heeft, tevoorschijn en moffel het in mijn hand. Aan de automaat aangekomen, is de aandacht van het ventje optimaal. Ik neem opzichtig mijn portefeuille en mijn bankkaart (afleidingsmanoeuvre, alweer!) en doe alsof ik ze in de automaat steek. Na wat geroffel op een toetsje hier en eentje daar, breng ik mijn andere hand naar de gleuf die de tickets uitwerpt. Trots toon ik hem het bioscoopticket. Zijn
reactie is goddelijk. Zijn mond valt open van verbazing, zijn ogen vallen
bijna uit hun kassen. Zijn verwondering is echter van korte duur. Voor ik het besef heeft hij het ticket uit mijn handen gerukt. Even vrees ik te maken te hebben met een straatschoffie met enkel een knap smoeltje en bedenk ik dat ik de achtervolging in moet zetten, maar het kereltje rijdt helemaal niet weg. Hij wil enkel het ticket bekijken om te weten in welke mate ik hem beduvel. Voorzichtig maar met aandrang neem ik het terug -jongens van tien kunnen soms onvoorspelbaar zijn, meneer- en ik heb geen zin om als onbekende man voor de ogen van tientallen buurtbewoners achter een plaatselijk ventje op gocart aan te rennen. Hij rekent me mijn actie niet aan. Uiteraard verklap ik hem dat ik inderdaad vals heb gespeeld. En dan scheiden zich onze wegen. Ik zoek Jan weer op, die het gebeuren van op zekere afstand geamuseerd heeft gade geslagen en doe hem dit kleurrijke verslag. Het ventje zoekt zijn vriendjes op en is me al vergeten. Maar misschien vertelt hij straks aan tafel wel over die ene toerist die dacht hem te slim af te zijn. San Remo Alle teksten ressorteren onder San Remo©copyright, tenzij anders is aangegeven. Niets van deze pagina mag elders worden geplaatst tenzij nadrukkelijke toestemming van de auteur is verleend. De teksten mogen ook niet gewijzigd, ingekort of verpersoonlijkt worden. |
|
San Remo |